Dit artikel heeft betrekking op ontruimingsalarminstallaties. Het doel van een ontruimingsalarminstallatie is de in het bouwwerk aanwezige personen na het ontdekken van een brand snel te alarmeren zodat een snelle en ordelijke ontruiming van de aanwezige personen kan plaatsvinden.
Voor abonneesEen kantoorgebouw wordt getransformeerd tot een woongebouw. De aanpak voor toetsing aan het Bouwbesluit lijkt dan eenvoudig: eerst vindt de gebruiksfunctiewijziging plaats, daarna de bouwactiviteiten. Voor het bestaande, ongewijzigde deel gelden de voorschriften voor bestaande bouw. Voor alles wat wijzigt gelden de verbouwvoorschriften. Dan zijn we er echter nog niet. Want ergens in dat proces vinden ook allerlei andere wijzigingen plaats. Bijvoorbeeld de wijziging van verblijfsgebieden. Wijziging van een verblijfsgebied heeft consequenties voor toetsing aan onder meer de voorschriften voor daglicht en ventilatie. Hoe moet zo'n wijziging bij transformatie worden beoordeeld?
Bij een calamiteit is adequate communicatie tussen publieke hulpverleners essentieel om goed te kunnen functioneren. In veel gevallen zijn hiervoor geen extra voorzieningen nodig. In dit artikellid wordt een specifiek voorschrift gegeven. Dit voorschrift is gericht op een groot aantal bezoekers.
Een automatische brandblusinstallatie (bijvoorbeeld een sprinklerinstallatie) heeft tot doel een beginnende brand te blussen of een brand onder controle te houden, zodat de omvang van de brand beperkt wordt.
Het kunnen redden van personen bij brand en het bestrijden van brand door de brandweer kan in sommige gevallen (bijvoorbeeld bij hoogbouw) meebrengen dat in het gebouw een brandweerlift aanwezig moet zijn.
Dit artikel heeft betrekking op draagbare en verrijdbare blustoestellen. Mobiele blustoestellen hebben in het algemeen slechts een aanvullende functie op de in artikel 6.28 voorgeschreven brandslanghaspels.
Het eerste lid en het tweede lid schrijven voor in welke gevallen een brandslanghaspel aanwezig moet zijn. Met een brandslanghaspel kan de gebruiker een beginnende brand, die gewoonlijk slechts één brandhaard heeft, zelf blussen.
Op grond van tabel 6.19 van Bouwbesluit 2012 zijn onder de in dit artikel aangegeven omstandigheden rookmelders voorgeschreven voor de woonfunctie, de bijeenkomstfunctie voor kinderopvang voor kinderen jonger dan vier jaar en de logiesfunctie.
In dit artikel zijn de eisen aan brandmeldinstallaties opgenomen.
Openingen in inwendige scheidingsconstructies tussen een brand- of subbrandcompartiment en een buiten dat compartiment gelegen ruimte zouden de weerstand van zo'n constructie tegen branduitbreiding of rookdoorgang tenietdoen. Daarmee zou ook niet meer worden voldaan aan de weerstand tegen branddoorslag en brandoverslag tussen de betreffende ruimten.